Florence dag 1

 

De San Miniato al Monte en de Duomo ofwel de Santa Maria del Fiore

Florence
Giorgio Vasari
Beleg van Florence
Sala di Clemente VII Palazzo Vecchio
1558
La Veduta della Catena
Video  Le Veduta della Catena  (5.22 minuten)
mouseover
 Florence Giorgio Vasari Beleg van Florence Sala di Clemente VII Palazzo Vecchio 1558 La Veduta della Catena

 

San Miniato all Monte

 

San Miniato al Monte
van verre en dichtbij
mouseover
San Miniato al Monte Florence

Deze kerk is zoals de naam al zegt op een heuvel gebouwd.1 De plek is niet geheel toevallig uitgekozen als we de verhalen mogen geloven. De heilige Minias werd in 250 op bevel van de Romeinse keizer Decius ter dood gebracht. Het hoofd van de heilige rolde van zijn romp, maar zie wat er gebeurde: doodleuk pakte Minias zijn hoofd en liep de Mons Florentinus op.

Hier sprak hij de gedenkwaardige woorden: ‘hier wil ik begraven worden.’ Al in de derde of vierde eeuw werd er een kerk op zijn graf gebouwd. In 1018 besluit bisschop Hildebrand deze kerk te herbouwen. De botten van Minias liggen onder het altaar in de hallencrypte. Het zou nog twee eeuwen duren voordat de kerk voltooid werd. Hoewel het een Romaanse kerk is, dachten velen in de Renaissance dat het een echt klassiek gebouw was. Dit gold trouwens ook voor het Baptisterium.

opgang San Miniato al Monte
opgang San Miniato al Monte Florence

Als je de kerk in komt, is al aan de plattegrond te zien dat er een zeer ordelijke indeling is gemaakt waarbij alle traveeën in het schip (en de twee zijbeuken) precies gelijk zijn aan elkaar. Een verdeling volgens vaste maatverhoudingen, die ondermeer zichtbaar is in het patroon van de vloer. De travee van de zijbeuk is precies de helft van die van het schip. In de Renaissance zullen architecten als Brunelleschi dit in hun kerken ook doen, zoals onder andere goed te zien in de San Lorenzo of de Santo Spirito. De zuilen bij de scheibogen zijn niet allemaal gelijk. Sommige zijn hergebruikte klassieke zuilen, zogenaamde spolia. Zo zijn er Corinthische, maar ook Byzantijnse kapitelen te zien. De zuilen en pijlers wisselen elkaar in een vast ritme af: pijler, zuil, zuil en weer pijler.

schip en koor
mouseover

San Miniato al Monte Florence apsis

foto (mouseover): Sacred Destinations

 

San Miniato al Monte open dakstoel Florence

foto: Sarmale/Olga

Buiten de open houten dakstoel is er veel marmer in de kerk gebruikt. Het ‘marmer’ in de lichtbeuk werd trouwens in de negentiende eeuw geschilderd. Er is verder marmer in allerlei kleuren te zien. Het inlegwerk van de vloeren uit 1207 heeft onder andere patronen met dierenriemtekens.

interieur

San Miniato al Monte schip Florence

foto: kaha_m en Sacred Destinations

Voor het altaar heeft Michelozzo voor Piero de’ Medici in de vijftiende eeuw nog een ciborium ontworpen. Michelozzo gebruikte vier verschillende zuilen. Iets wat geheel in de traditie van deze kerk past.

Ciborium
achterzijde 
San Miniato al Monte Florence Ciborium Michelozzo

De vijf blinde bogen onder de conga in de apsis keren weer terug in de gevel. De kerk herbergt vele fresco’’s ondermeer uit de dertiende en veertiende eeuw van schilders als Taddeo Gaddi, maar we beperken ons hier tot de architectuur.

crypte met altaar en de overblijfselen van de heilige Minias

San Miniato al Monte crypte Florence

foto: jmenard48

 

De gevel van de San Miniato al Monte

De façade van de San Miniato heeft net als de achterwand bij de apsis vijf blinde bogen met soortgelijke panelen. Ook bij de gevel, net als in de kerk, valt het gebruik van veelkleurig marmer op. Niet gek voor een stad die vele marmergroeven in zijn nabijheid kent. Het hoge middenstuk van de gevel weerspiegelt het hoge middenschip en beslaat drie blinde bogen. Achter de twee buitenste bogen zijn de zijbeuken. Het onderste deel van de gevel heeft een duidelijk horizontaal accent en wordt afgesloten door een hoofdgestel.

San Miniato al Monte
detail van de gevel

foto’s: Ron Menting en jean louis maziers

Hierboven torent in het midden een vierkant op waarbij een aedicula rond een venster te zien is. Boven dit raam is een mozaïek aangebracht. Natuurlijk is de heilige Minias in dit mozaïek, uit ca. 1260, naast Maria en Christus afgebeeld. De gevel wordt bekroond met een adelaar. Dit was het symbool van de gilde, de Calimala, die sinds 1228 toezicht hield op de bouw van deze kerk.

 

mozaïek San Miniato al Monte Florence

foto: ivyknoll

Driehoeken met gekleurd marmer zorgen voor de overgang van de lage zijbeuken naar het hoge middendeel. Iets wat al in de verte doet denken aan wat later Alberti bij de Santa Maria Novella zou toepassen namelijk: voluten. In het midden is een driehoekige afsluiting: een pediment dat is opgedeeld in vakjes die met verschillende kleuren marmer zijn ingelegd. Het deel in het midden van de gevel boven de drie blinde bogen is een vertaling van een klassiek tempelfronton. De gevel ziet er net als het interieur nogal klassiek uit. Als je echter goed kijkt, zie je hier en daar een paar beelden waaronder waterspuwers aan de gevel die verraden dat deze kerk toch Romaans is. Bovendien zijn er ook een aantal fouten die een klassieke architect nooit gemaakt zouden hebben. Zo is net als bij het Baptisterium de architraaf, rechts en links van het mozaïek, omgebogen. Bovendien zijn bij het onderste deel van de cannelures in de pilasters de gleuven gevuld. Dit nu werd in de Oudheid alleen gedaan op de begane grond om het kwetsbare punt waar de twee gleuven bijeenkomen te beschermen. Op de hoogte waar het in de gevel van de San Miniato wordt toegepast, heeft dit natuurlijk geen enkele zin.

aedicula raam San Miniato al Monte Florence

foto: Wolfsraum

Ondanks deze ‘tekortkomingen’ spreekt Vasari in zijn voorrede tot ‘De Levens’ in positieve zin over de San Miniato al Monte. Na de ondergang van het Romeinse rijk en de opkomst van de donkere Middeleeuwen verviel de kunst, maar deze kerk was weer een waarlijk lichtpunt.

‘Vervolgens, in 1013, toen de Florentijn Alibrando bisschop van Florence was, zag men aan de wederopbouw van de prachtige San Miniato al Monte dat de kunst weer iets van haar oude kracht had herwonnen; immers, nog afgezien van de marmeren ornamenten, zowel binnen als buiten de kerk, ziet men aan de voorgevel dat de Toscaanse architecten zich inspanden om in de deuren, de ramen, de zuilen, de bogen en de kroonlijsten zoveel mogelijk de goede antieke bouworde na te volgen, die ze gedeeltelijk hadden herkend in het zeer oude godshuis van San Giovanni [Teg: Baptisterium] in hun eigen stad.’

Giorgio Vasari, ‘De Levens van de grootste schilders, beeldhouwers en architecten Van Cimabue tot Giorgione’, Contact, Amsterdam, 1990 deel I blz. 43 (oorspronkelijke uitgave 1568).


De Santa Maria del Fiore ofwel de Duomo

De Duomo of zoals de kathedraal echt heet de Santa Maria del Fiore (heilige Maria van de bloemen) is gebouwd om de veel kleinere en bouwvallige Santa Reparata te vervangen zoals je op deze plattegrond kunt zien.2

 

Santa Maria del Fiore
luchtfoto
 Florence luchtfoto Santa Maria del Fiore

 

In de Duomo kun je nog de resten van deze oude kerk zien als je de trap, voor in het schip, afdaalt. De architect en beeldhouwer Arnolfo di Cambio maakte een ontwerp voor een nieuwe kathedraal. Bovendien hakte Cambio ook nog beelden voor de gevel (klik hier voor de beelden) die we nog zullen bespreken op de dag dat we het museum Opera del Duomo zullen bezoeken. Het spreekt voor zich dat deze nieuwe kerk natuurlijk zo mooi mogelijk (‘più bello che si può’) moest worden. Dit stond te lezen in een document uit 1294, hetzelfde jaar dat de eerste stenen van de Santa Maria del Fiore gelegd werden en wel als volgt:

‘[…] men moet geen openbare werken ondernemen (cose del Commune) als het plan niet aansluit bij een verlangen, groot gemaakt door de bezieling van zijn vele burgers, die worden verenigd door een enkel streven.’

Geciteerd uit: Eva Borsook, ‘Stergids Florence’, Agon, Amsterdam 1988 blz. 83.

De uitdrukking ‘zo mooi mogelijk’ is in menig contract dat in Florence gesloten werd terug te vinden. De kathedraal moest niet alleen mooi zijn, maar natuurlijk ook groot worden en in ieder geval groter dan de kathedraal van het naburige Siena. Het gotische ontwerp, een basiliek, kon maar liefst dertigduizend mensen bevatten en dat terwijl Siena in die tijd veertigduizend inwoners had. De bouw vlotte niet snel.

De ‘bouwfirma’, de Opera del Duomo, die met de bouw van de kathedraal belast was, gaf voorrang aan het Palazzo Vecchio. Daar kwam nog bij dat Arnolfo di Cambio al vrij snel stierf. Pas in 1334 neemt de nieuwe bouwmeester, Giotto, de draad weer op, maar hij houdt zich vooral bezig met de bouw van de campanile, de klokkentoren naast de Santa Maria del Fiore.3 In 1357 komt de bouwmeester Francesco Talenti die het ontwerp van Cambio verandert.4 Oorspronkelijk zouden er rechthoekige traveeën komen, maar Talenti maakte er vierkante traveeën van waardoor de kerk aanzienlijk groter werd (zie plattegronden bij Wikipedia). Bovendien verhoogde hij de muren van de zijbeuken. Hierdoor ontstond er een probleem met het al gebouwde deel van de zijbeuk dat twee ramen in de travee had. Het nieuw te bouwen deel kreeg slechts één raam per travee. In het oude deel van Arnolfo di Cambio sluiten de ramen niet meer aan op het interieur en zijn het uiteindelijk blinde ramen geworden. Dit is heden ten dage nog goed te zien aan het exterieur van de zijbeuken.

De flinke ruimte die de hoge scheibogen overspannen geven het interieur een volkomen andere indruk dan de gotische kerken ten Noorden van de Alpen. De zijbeuken en het schip lijken optisch één grote ruimte. De bouwmeester Giovanni di Lapo Ghini legde de laatste hand aan de Duomo en in 1367 was de kathedraal, althans de muren en de gewelven, voltooid op de koepel en de tamboer na. Klik hier bij Wikipedia voor meer informatie over de Duomo.

koor en schip
mouseover
Santa Maria del Fiore Duomo apsis Florence

foto: Wikipedia

Naar de volgende bladzijde (Dag1)