Het Museo dell’Opera del Duomo en de vier evangelisten van Nanni di Banco, Bernardo Ciuffagni, Donatello en Niccolò Lamberti

Dit gebouw, de Domfabriek, is speciaal door wat je nu zou noemen de openbare werken van Florence, de Opera dell’ Duomo, gebruikt. Het is gebouwd voor ambachtslieden en kunstenaars die werkten aan de Duomo, het Bargello, de stadsmuren of het Palazzo Signoria (later Palazzo Vecchio genoemd). Hier hakte Michelangelo zijn ‘David’. Bij Bluffton university zijn prachtige afbeeldingen te zien van vele kunstwerken uit dit museum.

  1. Video virtuele tour door vernieuwde en uitgebreide Museo dell’Opera del Duomo (4.95 minuten).
  2. Video van de verhuizing naar het nieuwe museum (12.45 minuten)

 

ingang Museo dell”Opera del Duomo
Cosimo de Medici
Museo dell’Opera del Duomo Florence

 

ingang museum  bij voorhof

 Museo dell’Opera del Duomo ingang bij voorhof Florence

Naast het houten model van de koepel en de lantaarn is op de begane grond ook het dodenmasker van Brunelleschi te zien. Al in de Oudheid was bij de Etrusken een dodenmasker gebruikelijk. Direct na de dood werd er een wasafdruk gemaakt die bewaard werd in een speciale schrijn op het familiealtaar. Bij de begrafenis werd het dodenmasker in de stoet naar het graf meegedragen. Het materiaal, was, blijft natuurlijk niet zo lang goed daarom werden deze dodenmaskers vanaf de eerst eeuw voor Christus vaak omgezet in marmer. Deze afdruk van Brunelleschi die we hier in een glazen kist zien, komt uit 1446.

dodenmasker van Brunelleschi
Opera dell’ Duomo
portret Brunelleschi
Louvre
detail
mouseover

dodenmasker van Brunelleschi Opera dell' Duomo Florence portret Brunelleschi Louvre

In een andere zaal zijn de beelden van de Duomo: de gevel maar ook de Campanile, te bewonderen. De beelden zijn zo geplaatst dat je in één oogopslag de ontwikkeling in de beeldhouwkunst van de Middeleeuwen tot en met de Renaissance kunt zien. Enkele beelden van Arnolfo di Cambio en vooral de beelden bedoeld voor de nissen naast de hoofdingang van de Duomo, zijn al eerder besproken (klik hier voor het verhaal over de beelden van Arnolfo di Cambio in dit museum).

Zaal met beelden die voor de oude gevel bestemd waren
mouseover
sala Arnolfo di Cambio bestemd oude gevel in Museo dell’Opera del Duomo Florence

 

Nanni di Banco, Bernardo Ciuffagni, Donatello en Niccolò Lamberti en de vier evangelisten

Wij zullen in dit museum, Museo dell’opera del Duomo, eerst de beelden bekijken van de evangelisten uit de vijftiende eeuw die voor de gevel van de Duomo gehakt zijn. Het aardige is dat je de vier beelden in het Museo dell’Opera del Duomo naast elkaar kunt bekijken en ze zo ook prachtig kunt vergelijken.

van links naar rechts
Nanni di Banco’s Lucas, Donatello’s Johannes, Ciuffagni’s Mattheüs, Lamberti’s Marcus
zij- en vooraanzicht
mouseover
Museo dell' Opera del Duomo van links naar rechts Nanni di Banco's Lucas, Donatello's Johannes, Ciuffagni's Mattheüs, Lamberti's Marcus Florence

In mei 1405 werden twee beeldhouwers naar Carrara gestuurd voor marmerblokken ‘a braccia quadre’ een vorm en afmeting waarin beeldhouwers goed konden werken. Door de oorlog met Milaan konden de blokken pas in 1408 naar Florence vervoerd worden. De Opera geeft, als het marmer in de werkplaats is aangekomen, direct drie beeldhouwers de opdracht om beelden van de evangelisten voor de gevel te hakken.38 Diegene die het beste beeld maakte, mocht ook het vierde beeld hakken. Dit was natuurlijk een handige truc om de kunstenaars te stimuleren hun uiterste best te doen. De vier beelden waren bestemd voor de nissen direct naast de hoofdingang. Nanni di Banco (Lucas), Donatello (Johannes) en Niccolò di Pietro Lamberti (Marcus) kregen de opdracht. De beelden werden in de zijkapellen nabij de ingang van Duomo gehakt.

In de bronnen is er sprake van sleutels voor de kapellen, het publiek mocht de beelden voor de voltooiing niet zien.39 Met de drie beelden is in hetzelfde jaar begonnen als met de twee voor de steunberen van Donatello en Nanni di Banco, maar de evangelisten waren pas zeven jaar later voltooid. De heren opdrachtgevers moeten behoorlijk gefrustreerd zijn geraakt door het trage tempo. Zo is bekend dat Donatello op 16 mei 1415 gewaarschuwd wordt dat hij een boete krijgt van vijfentwintig dukaten als hij zijn Johannes niet voltooid heeft.40 Het langzame tempo is ook de reden geweest dat werd afgezien van het oorspronkelijke idee de beste beeldhouwer de vierde evangelist, Mattheüs, te laten hakken. In 1410 kreeg Bernardo Ciuffagni het vierde marmerblok toegewezen.

Bij de tekening van de gevel van de Duomo van Bernardino Poccetti is te zien waar de beelden in de nissen staan: links van de ingang Lucas (Banco) en Ciuffagni’s Mattheüs en rechts H. Johannes (Donatello) en Lamberti’s Marcus. De diepte van de beelden werd bepaald door de nis.

Bernardino Poccetti
façade van de Duomo
detail
geheel
1587
Bernardino Poccetti Facade Duomo detail 1587 Florence

 

reconstructie gevel Duomo
Museo dell’Opera del Duomo
reconstructie façade Duomo Opera dell'Duomo Florence
Bernardino Poccetti
1587
detail
onderzijde middelste deel
Bernardino Poccetti 1587 façade detail Duomo Florence
middelste deel façade Duomo
reconstructie
Museo dell’Opera del Duomo
middelste deel façade Duomo reconstructie Museo dell’Opera del Duomo Florence

De beelden zijn in wezen een reliëf van wel zestig centimeter diep: ze zijn negentig centimeter breed en tweehonderdtwintig centimeter hoog. De nissen beginnen op een hoogte van drie meter. Dit betekent dat de kerkbezoeker de beelden in onderaanzicht zag. Dit verklaart ook de veel te lange bovenlichamen zoals je kunt zien in het museum. De beelden staan in de zaal iets te laag. Tegenwoordig na de uitbreiding van het museum staan ze wel op de juiste hoogte.

beelden voor vier nissen
zestig centimeter diep

Lucas van Nanni di Banco en de Johannes van Donatello zijkant ondiepe nis Opera dell'Duomo

Als je door de knieën gaat dan zie je al direct hoe de lichaamsverhoudingen aanzienlijk verbeteren. Dit geldt met name voor Donatello’s Johannes. Zo verandert zijn slappe rechterhand die losjes op de schoot ligt in een overtuigende arm in onderaanzicht. De nissen en de hoogte leverden twee problemen op: hoe de beelden echt rond te laten lijken gezien de diepte van zestig centimeter en hoe rekening te houden met de kijker die duidelijk lager staat dan de beelden?Tegenwoordig na de uitbreiding van het museum zijn . de beelden wel op de juiste hoogte geplaatst.

Niccolò di Pietro Lamberti ontkende het eerste probleem gewoon. Zijn beeld, Marcus, zit frontaal met zijn hoofd recht vooruit. Eén hand wijst naar de kijker en de andere hand rust op het boek. Eén knie staat iets terug, maar dit levendige effect wordt teniet gedaan door de zware draperie die nogal kunstmatig is. Zo is er geen sprake van natuurlijke plooien.

Niccolò di Piero Lamberti
Marcus
  Bernardo Ciuffagni
Mattheüs
 Niccolò di Piero Lamberti Marcus  Bernardo Ciuffagni Mattheüs

Het beeld komt nauwelijks los van het blok waaruit het gehakt is. Wat dit betreft lijkt het wel op het beeld van Bonifatius VIII uit het atelier van Cambio. Ook het beeld van Bernardo Ciuffagni lijdt aan dit euvel. Bernardo heeft trouwens wel erg goed gekeken naar het beeld van Donatello: Johannes. Het lijkt wel een kopie ervan, maar dan beduidend minder geslaagd. De plooien die Ciuffagni en Lamberti hun beelden gaven, zijn allesbehalve realistisch en lijken meer op decoratieve lijnen. Iets wat we bij de twee eerste deuren (Andrea Pisano en Ghiberti) van het Baptisterium ook al hebben kunnen constateren.

De Lucas van Nanni di Banco en de Johannes van Donatello

De twee beelden voor de nissen van de gevel van de Duomo die eruit springen zijn Lucas en Johannes van Nanni di Banco en Donatello. Nanni di Banco heeft het eerste probleem, de geringe diepte, wel handig aangepakt met zijn Lucas. Zijn hoofd is iets naar voren gebogen waardoor de schouders volledig rond lijken. De rechterelleboog steekt ook zijwaarts naar voren in tegenstelling tot Ciuffagni’s Mattheüs. De ene voorarm is diagonaal gezet, de linkerhand rust op het evangelie en de rechter op zijn heup. Het tweede probleem heeft Banco niet opgelost. De zware draperie verzwakt door de hoogte het hoofd en lichaam aanzienlijk.

Nanni di Banco
Lucas

Nanni di Banco 'Lucas' in Museo dell' Opera del Duomo Florence

De oplossing van Donatello is veel radicaler. Als het beeld vrijer moet staan is het essentieel dat de er meer ruimte komt aan de onderzijde. Hiervoor moet de ruimte die de zetel inneemt gereduceerd worden. De voeten van Johannes komen tot aan de rand van het basement, terwijl de knieën duidelijk naar links zijn gezet. Eén schouder is teruggetrokken, het hoofd is licht naar links gedraaid en de handen zijn op verschillende vlakken (in het blok) geplaatst. De figuur is betrapt op een moment in de beweging.

Donatello
Johannes
frontaal en onderaanzicht
mouseover

Donatello' Johannes' in Museo dell' Opera del Duomo Florence

Beide beelden zijn niet echt consistent. Als je de twee evangelisten nauwkeurig bekijkt, zie je dat Donatello en Nanni di Banco, zich als beeldhouwers aanzienlijk hebben ontwikkeld in de vele jaren die ze eraan gewerkt hebben. Nanni heeft zijn Lucas van onder naar boven gehakt en bij de bovenzijde had hij al heel wat geleerd. Voor Donatello geldt precies het tegenovergestelde. Hij is aan de bovenzijde begonnen, de onderkant is beduidend beter.41

De draperieën aan de onderkant bij Lucas laten de sporen uit het trecento nog zien. Zo lijken de plooien aan de onderzijde wel van deeg, terwijl ze hier en daar zo willekeurig vallen dat het moeilijk is om ze als echt te accepteren. De rechterknie klopt niet, zeker als je die vergelijkt met de rest van het been en met name de voet: een anatomische onmogelijkheid. Er is een duidelijk verschil met de bovenzijde die aanzienlijk beter is gehakt. Het kleed loopt van de linkerschouder naar zijn hand in één lange afval. Tussen het gewaad en de torso is op overtuigende wijze een ruimte gehakt. De centuur zit ook echt om het middel en de plooien doen realistisch aan. ‘Hier is een overtuigende weergave van draperieën te zien in de Florentijnse sculptuur.’42 Ook de haren, baard en de wenkbrauwen zijn heel naturalistisch weergegeven. Het gezicht heeft individuele trekken. Dit zal ongetwijfeld geïnspireerd zijn door Banco’s kennis van de Romeinse portretkunst. De gefronste wenkbrauwen suggereren een geconcentreerde Lucas, terwijl de uitsparingen in de oogballen gericht zijn op het evangelieboek dat hij in zijn hand houdt.

De inkepingen in de pupillen van de Johannes van Donatello zijn waarschijnlijk in de zestiende eeuw aangebracht. Met de oorspronkelijke ogen is er geen link meer met de kijker of iets buiten de evangelist. Voor Johannes geldt precies het omgekeerde als voor Lucas: Donatello is met de bovenzijde begonnen en werkte vervolgens naar beneden. Ook hier een frappant verschil tussen de boven –en onderkant. De haren lijken meer op een pruik, terwijl de baardharen vaag zijn uitgewerkt. Wel aardig zijn de samengeknepen wenkbrauwen en de wijze waarop door enkele ruwe halen de haren worden aangegeven.De bovenste draperie is wel erg vlak en schematisch gedaan. De plooien aan de onderzijde zijn veel dieper en overtuigender. Donatello heeft al doende geleerd om veel dieper in het blok te hakken.

Donatello
Johannes
hoofd
boven- en onderzijde
mousover
Donatello Johannes detail onderzijde Museo dell'Opera del Duomo Florence

Duidelijk is dat beide kunstenaars enorme vooruitgang hebben geboekt; niet alleen wat betreft de ‘twee kanten van elk beeld’, maar zeker als je deze beelden vergelijkt met de twee eerder gehouwen figuren voor de steunberen: Jesaja en de profeet David.

Nanni di Banco
Jesaja

Nanni di Banco Jesaja

Naar de volgende bladzijde