De schilderkunst in de Santa Maria Novella 5/11

Het werk van Paolo Uccello in het Chiostro Verde  1/1

Het vogeltje zoals de bijnaam van Paolo luidt, moet vast erg onder de indruk zijn geweest van het lineaire perspectief in de Triniteit van Masaccio. Aan de andere kant van de muur waar Masaccio zijn fresco maakte, in het groene kloosterhof, schildert Uccello twee fresco’s met verhalen uit Genesis.118 Aan drie van de vier zijden waren al fresco’s. Helaas is hier weinig meer van overgebleven. Waarschijnlijk waren er verhalen uit het Oude en het Nieuwe Testament afgebeeld. Uccello moest zijn fresco’s natuurlijk aanpassen aan het iconologische programma in het kloosterhof.

travee met fresco’s van Uccello
Chiostro verde Santa Maria Novella
mouseover
Chiostro verde Santa Maria Novella Uccello binnenhof

Rechts bij binnenkomst zijn bij de tweede en vierde travee de fresco’s van Uccello. Elke travee is verdeeld in een halfrond deel: de lunet met daaronder een gedeelte dat gescheiden wordt door een geschilderde lijst. De breedte van het onderste deel is twee keer de hoogte. Hierdoor ontstaat er een breed formaat dat doet denken aan de panelen die Ghiberti in zijn Paradijspoort gebruikte.

Paolo Uccello
Schepping van Adam en Eva

Binnen deze twee kaders zijn steeds twee verhalen uit Genesis geschilderd. Deze formule is gebaseerd op Ghiberti, die in dezelfde tijd werkte aan zijn tweede deur voor het Baptisterium. Uccello gebruikte in tegenstelling tot Ghiberti echter een strakke manier van indelen en wel: één verdwijnpunt, waardoor scènes als een eenheid overkomen of twee verdwijnpunten met tussen de twee ‘ruimtes annex verhalen’, een duidelijke scheiding zoals bijvoorbeeld een rotspartij in de schepping.

Uccello
Schepping van dieren en Adam
ca. 1424-1425
perspectieftekening met verdwijnpunt
mouseover

Om de composities met de dubbele gezichtspunten (twee verdwijnpunten) toch tot een eenheid te smeden, schilderde Uccello lijsten met zwarte en witte blokjes. Deze blokjes zijn verkort en leiden naar één centraal verdwijnpunt in het midden van de lunet. Deze geschilderde lijst was een voorzetting van de met hetzelfde motief beschilderde ribben in gewelven van het kloosterhof. Deze decoratie op de ribben is helaas in de negentiende eeuw grondig weggerestaureerd. Uccello’s werk is zeer Florentijns omdat hij rekening houdt met de omgeving van het geschilderde werk. De arm van Adam kromt zich zo dat deze parallel loopt aan de gebogen lijst van de lunet.

Daarnaast worden de scènes precies in het midden gescheiden door een centrale as een weerspiegeling van de verdeling van de traveeën in het kloosterhof.


De schepping van Adam en Eva en de zondeval

Uccello heeft eerst in de laatste travee van de muur de schepping van de dieren en Adam in de lunet geschilderd. Hieronder is de schepping van Eva en de zondeval weergegeven.

Dit werk is duidelijk eerder gemaakt dan het tweede fresco dat Uccello in dit kloosterhof maakte. De datering, 1424-1425, is gebaseerd op de ‘gotische’ rotsen en de nogal decoratieve plooien in de mantel van God de Vader. De wat vreemde houdingen van Adam en Eva doen sterk denken aan het vroege werk van Ghiberti en Masolino.119

Uccello
Zondeval
ca. 1424-1425
Masolino
ca. 1425
mouseover

Uccello werkte jaren in het atelier van Ghiberti en was samen met Michelozzo en Masolino in Venetië. De liggende Adam is gebaseerd op één van Ghiberti’s panelen in de Paradijspoort met hetzelfde onderwerp. Misschien heeft Uccello ontwerpen uit de schetsboeken van Ghiberti gezien toen hij in het atelier van deze kunstenaar werkte.120 Rechts boven in de lunet krijgt Adam van de aansnellende God de gift van het leven. De Heer die de dieren schept, staat daarentegen juist heel rustig.

Lorenzo Ghiberti
Schepping van Adam
Uccello
Schepping van Adam
mouseover

Het landschap doet al denken aan het werk van Donatello. Met slechts enkele bomen, die in onderaanzicht geschilderd zijn, wordt er een flinke diepte gecreëerd. Donatello had dit in zijn laagreliëf bij de Orsanmichele (Sint Joris) ook al had gedaan. De sterk verkorte nimbus van Christus is erg opvallend. Wijs t dit al naar de interesse van Uccello in perspectief? In het lager gelegen deel van het muurvlak zijn ook twee verhalen: de schepping van Eva en de zondeval. Het bos als achtergrond dat het beeldvlak bestrijkt, smeedt de verhalen tot een eenheid. Het landschap doet eerder denken aan een decoratief tapijt dan aan werkelijke natuur. Tenslotte is er nog de verdrijving uit het paradijs te zien.



De zondvloed, het offer van Noach en zijn dronkenschap

Het werk in de tweede travee komt duidelijk uit een latere periode. Het perspectief heeft Uccello inmiddels volledig onder de knie gekregen. Hoewel de precieze datering niet onomstreden is, gaan Franco en Stefano Borsi, de schrijvers van een monografie over Paolo Uccello, er vanuit dat het uit 1447 komt.121

 

Vasari gaat vrij uitgebreid in op de fresco’s die Uccello in de kloostergang van de Santa Maria Novella schilderde. Zo schrijft hij onder meer over de zondvloed en de ark van Noach het volgende:

‘[..] een werk waarvoor hij zich bijzonder inspande, en met veel zorg en vakmanschap verbeeldde hij er de doden, de storm, de woedende winden, bliksemschichten, afgebroken bomen en de angst van de mensen zodanig dat het niet te beschrijven is; en hij schilderde er, perspectivisch verkort, een dode wiens ogen door een raaf worden uitgepikt, en een verdronken jongetje dat zoveel water heeft binnengekregen dat zijn buikje helemaal bol staat. Eveneens gaf hij uitdrukking aan verschillende menselijke gemoedsaandoeningen, als bijvoorbeeld die van de twee ruiters die elkaar bevechten en daarbij weinig vrees voor het water aan den dag leggen. […] Bij het perspectivische verkleinen van zijn figuren maakte hij gebruik van lijnen, en ook verbeeldde hij in deze schildering werkelijk prachtige mazzocchi en dergelijke dingen meer.’

[…] In dit tafereel [Noachs dronkenschap] schilderde hij eveneens een vat in perspectief, met rondingen alom, wat zeer fraai wordt gevonden, en zo ook een met druiven overdekte pergola waarvan het latwerk toeloopt in één punt; maar hij vergiste zich, want de lijnen van de vloer waarop de figuren staan, wijken op dezelfde wijze als die van de pergola, terwijl het vat niet in deze zelfde perspectief is weergegeven; het heeft me dan ook bijzonder verbaasd dat een zo nauwgezet en zorgvuldig man een zo opmerkelijke fout maakt.’

Giorgio Vasari, ‘De levens van de grootste schilders, beeldhouwers en architecten Van Cimabue tot Giorgione’, Contact, Amsterdam, deel I 1992 blz. 128 (oorspronkelijke uitgave 1568).

Helaas maakt de slechte toestand van het fresco het onmogelijk om te controleren of Uccello hier inderdaad een slordige fout heeft gemaakt.

zondvloed, het offer van Noach en zijn dronkenschap
na de restauratie 2016
perspectief: twee verdwijnpunten
zondvloed
mouseover
Uccello Chiostro verde Santa Maria Novella zondvloed

Boven in de lunet lijkt één verhaal uit Genesis te zijn geschilderd, maar bij nauwkeuriger kijken zijn het er twee. De zondvloed is links te zien en aan de andere kant trekt het water zich terug. Onder de lunet is het offer van Noach en zijn dronkenschap geschilderd. Uccello gebruikt in de zondvloed het perspectief om de dramatiek van deze vreselijke gebeurtenis nog extra kracht bij te zetten. Het oog ketst bij het verdwijnpunt terug naar de voorgrond. Het verdwijnpunt wordt daarbij nog eens benadrukt doordat hier de bliksem inslaat. Dit lijkt veel op het werk dat Donatello in Padua maakte. Uccello en Donatello waren vrienden. Uccello ging mee naar Padua toen Donatello daar een grote opdracht kreeg. Er is een duidelijk verband tussen Donatello’s, ‘Het Wonder van de berouwvolle Zoon,’ en ‘de zondvloed’ in de manier waarop het perspectief gebruikt wordt.122

Donatello
Het wonder van de verloren zoon
ca. 1446
Sant’Antonio
Padua
Donatello Het wonder van de verloren zoon ca. 1446 Sant'Antonio Padua

De schaal van de figuren spot met het lineaire perspectief. Is dit gedaan om de enorme warboel en chaos te benadrukken alsof de aarde aan het kantelen is? Hoewel er op het oog sprake lijkt te zijn van één verdwijnpunt is dit niet het geval. Elke scène, de zondvloed en het terugtrekken van het water, heeft zijn eigen verdwijnpunt.123 De grote interesse in perspectief van de schilder is ook te zien in de mazzocchio van de jongeman in de zondvloed. Uit onderzoek is gebleken dat Uccello dit hoofddeksel drie keer heeft veranderd. Hier is dus sprake van een echte pentimento ofwel berouwstreek, dit duidt er op dat de kunstenaar in dit geval uit de hand geschilderd heeft zonder hulplijnen.124

 

Op de achtergrond is de God van de wind afgebeeld. Kenmerkend voor wat Alberti de schilders aanraadde en Vasari beschreef, zijn de verschillende reacties van de mensen op de storm. Zo zie je het ombuigen en rondvliegen van takken en bladeren, het verdrinken van mensen en vele verschillende reacties van de figuren op de verschrikkingen van deze rampzalige overstroming. Dit past perfect met de raad die Alberti in zijn Pictura aan schilders gaf:

‘[…] zorgt er namelijk voor dat wij weeklagen met de weeklagende, lachen met de lachenden, en treuren met de treurenden. Deze gevoelens worden herkend door lichaamsbewegingen. We zien dat bedroefden, van wie alle gevoelens en krachten verlamd zijn doordat zij gebukt gaan onder zorgen en bezeten zijn van verdriet, zich bleek en op wankele benen voortslepen. Zij die bedroefd zijn, hebben een bedrukt voorhoofd, een hangende nek, en alles valt naar beneden alsof het krachteloos en verwaarloosd is.’ [..] ‘Ik zou een voorstelling heel overvloedig noemen als er op de juiste plaats oude mannen, volwassen kerels, opgeschoten jongens, kinderen, moeders, meisjes, baby’s, vee, hondjes, vogels paarden, schapen, gebouwen en bezigheden door elkaar aanwezig zijn; ik zal elke overdaad prijzen mits zij strookt met het onderwerp. Want het is zo dat als de toeschouwers stil blijven staan om de details te bekijken, dat dan de overdaad van de schilder waardering oogst. Deze overdaad zou ik wel getooid willen zien met enige verscheidenheid, maar wel ernstig en gematigd door waardigheid en waarachtigheid.’

Alberti, L.B., ‘Over de schilderkunst,’ (vertaling Lex Hermans, Inleiding en annotaties Caroline van Eck en Robert Zwijnenberg) Boom, Amsterdam Meppel 1996 blz. 109 en 10

Zondvloed en de terugtrekking van het water
twee details
mouseover

De proporties van de Ark komen overeen met de beschrijving in de Bijbel (Genesis 6: 13) dit geldt ook voor de plaats van de lichtopening. De vreemde Dante-figuur is zeker niet Noach, maar wie het wel is, is onbekend. Hij houdt zijn handen in een gebaar dat bidden lijkt aan te geven. Smeekt hij om het einde van de zondvloed? Al in de zeventiende eeuw waren de fresco’s er slecht aan toe. Daar is de gebruikte techniek, tempera waarbij grote delen a secco geschilderd zijn, natuurlijk ook debet aan. Daarnaast hebben aan de onderzijde van het muurvlak na 1853 nog enige tijd voedertroggen voor paarden gestaan. In 1903 zijn de fresco’s van de muur gehaald. Hierbij zijn nog twee sinopia’s ontdekt. Helaas is één van deze ondertekeningen in 1909 verdwenen.125 Niet duidelijk is of Uccello gebruik heeft gemaakt van kartons.

restauratie fresco’s van Uccello in het Chiostro Verde
2016
restauratie fresco's van Uccello in het Chiostro Verde

Klik hier voor het vervolg van dag 5