Fra Angelico en de San Marco 6/10

De cellen van het dormitorium

De novicen (zuidzijde)

De cellen werden niet alleen gebruikt om te slapen, maar ook voor studie en meditatie.226 Ze waren privé, maar de deur stond wel altijd open. In de voorschriften van de dominicanen voor de gangen en cellen stonden drie belangrijke eisen:

1. er moet een afbeelding van Maria in de gang zijn waarbij dag en nacht licht brandt.
2. in elke cel moet een afbeelding van Dominicus zijn voor meditatie.
3. de novicen, lekenbroeders en de monniken moeten elk als groep bij elkaar geplaatst worden, waarbij de drie groepen wel van elkaar gescheiden zijn.

Klik hier voor een plattegrond.
A= bibliotheek B= trap naar het dormitorium C= gang met de cellen van de lekenbroeders (noord) D= gang met cellen van de monniken (oost) E= gang met de cellen van de novicen (zuid) F= trappen naar kloosterhof en de klokkentoren en cel 37 G en G1= dubbele cel van Cosimo de Medici

gang met de cellen van de novicen (zuid) en zicht op
de dubbele cel 10-11 van de prior

Aan de zijde van Piazza San Macro, de zuidzijde, zijn zeven cellen voor de novicen (zie plattegrond cellen vijftien t/m eenentwintig). Novicen waren jonge broeders meestal een jaar of vijftien die werden opgeleid tot monnik. Hier was een speciale monnik voor aangesteld die toezicht op hen hield en voor hun opleiding zorgde.

Zijn cel, tweeëntwintig, lag op het einde van de oostzijde, de kant waar de monniken hun cellen hadden. De drie cellen, 12 t/m 14, waar later de prior Savonarola verbleef op het einde van de vijftiende eeuw waren ook voor de novicen. Cel twaalf, de grootste, werd gebruikt als lesruimte voor de novicen en de twee kleine cellen, dertien en veertien, waren opslagruimtes.

ingang cellen 12 t/m 14
Savonarola

foto: Martin Beek

cellen Savonarola

De grote zorg van de meester was het gedrag van de knapen. Er waren uitgebreide en gedetailleerde gedragregels die doen denken aan een school waar de etiketten worden onderwezen. Ze leerden hoe te eten, je kleren schoon te houden, hoe de ouderen te respecteren, geen gekke geluiden te maken en nog veel meer. Natuurlijk moesten de novicen alles rondom de liturgie en de constitutie (grondregels en voorschriften van de dominicanen) leren. De dominicanen wilden met hun opvoeding bereiken dat er een harmonie kwam tussen lichaam en geest. Een integratie van de wil en het intellect of in de taal van de mystieke theologie: van contemplatie en handeling. De novicen werden met orde en tucht gedisciplineerd.

 Dominicus met kruisiging
modo orandi 1
cel 18

 

 Dominicus met kruisiging
modo orandi 1
cellen 18 en 16
mouseover

In alle zeven cellen voor de novicen zie je Dominicus bij een kruis knielen. De schilderingen zijn gevat in een vierhoek. In de lijsten is een afwisseling van rode en groene strepen te zien. Het landschap is zeer eenvoudig en alleen schematisch aangeduid. De enige verschillen zitten in de fysionomie van Dominicus’ gezicht en zijn gebaren, maar knielen, blijft hij in alle fresco’s. De ontwerpen zijn wel van Angelico, maar ze zijn geschilderd door zijn assistenten.

Dominicus met kruisiging
modo orandi 6
cel 21

De afbeeldingen zijn alleen oppervlakkig verbonden met de kruisiging zoals die in de bijbel wordt beschreven. Dominicus is niet getuige van een handeling, maar het is zijn reactie op de kruisiging waar het in deze schilderingen om gaat. Dominicus en niet Christus is hier de handelende persoon. De schilderingen in de cellen van de novicen werden vanwege de gebrekkige artistieke kwaliteiten nauwelijks besproken in de literatuur. De iconografie is echter absoluut niet saai. Wil je de fresco’s van Angelico begrijpen dan is hier het antwoord te vinden.227 De houdingen waarin Dominicus bij het kruis geschilderd is, zijn gebaseerd op die van de heilige zelf als hij bad.

Fra Antonino, de eerste prior van de San Marco, heeft de Summa historiale geschreven. Een flink onderdeel van dit boekwerk wordt de titulus genoemd. Dit deel gaat over de San Marco in de tijd dat de schrijver prior van dit klooster was. In een ander onderdeel van de Summa historiale de zogeheten Chronicon beschrijft Fra Antonino hoe volgens ooggetuigen de heilige Dominicus bad als hij alleen was. Ja, sommige broeders konden het niet nalaten om hem dan toch stiekem te bespieden. Antonino baseert zich op bronnen uit de dertiende eeuw waaronder Humbert van Romans.228

De negen manieren om tot de Heer te bidden worden de modo orandi ofwel manieren om te bidden genoemd. Bij de Engelse Wikipedia wordt dit bij de San Marco beschreven met afbeelding (wel even scrollen). De Engelse Wikipedia schrijft de houding van Dominicus in cel 17 toe aan de houding van mededogen, maar dit is aldus Hood mediteren. (Hood.W., ‘Fra Angelico at San Marco’, Yale University Press, New Haven and London 1993 blz. 204 en 206)

Dominicus met kruisiging
modo orandi 5
cel 17

De geestesgesteldheid en de daarbij behorende houdingen zijn:

1. vroomheid                  diep buigen vanaf het middel
2. nederigheid                je ter aarde werpen
3. boete doen                 je zelf kastijden
4. mededogen                herhaalde kniebuigingen
5. mediteren                   rechtop staan met je handen voor de borst
6. smeken                        staan met je handen uitgestrekt
7. extase                           staan en je handen direct boven je hoofd houden
8. gedenken                     lezen
9. willen preken              geen houding alleen een conversatie

De houdingen zijn ook afgebeeld in het MS Rossainus (bibliotheek van het Vaticaan).

Dominicus smeekt
modo orandi 7 van de extase
MS Rossianus Biblioteca Apostolica Vaticana
 Dominicus smeekt modo orandi 7 van de extase MS Rossianus Biblioteca Apostolica Vaticana

In de psychologie van de dominicanen zijn drie uitgangspunten van wezenlijk belang:

  1. via gebaren en houdingen kun je lezen wat er zich in de ziel afspeelt.
  2. als je lichaam de juiste houding aanneemt, helpt dit de ziel in een bepaalde stemming te
    komen.
  3. een goed dieet was erg belangrijk voor je gemoedstoestand. Eten uit de koude wateren had
    een verkoelende invloed op de psyche. Terwijl vlees van de warme aarde het gemoed juist
    verhitte. Geen wonder dat de broeders geen vlees aten, maar wel vis. Vis was daarbij ook
    een uitstekend middel om te voorkomen dat de vleselijke lusten gaan opspelen. Niet
    bekend is of de jonge novicen een extra portie vis kregen.

Door houdingen en meditatie kwam je in een zekere stemming. Dit past goed bij de mystieke geloofsopvattingen van de dominicanen. Humbert van Romans raadde de novicen aan de hals iets vooruit te steken en de ogen naar beneden te richten, want door een dergelijke houding liet je niet alleen deemoedigheid zien, maar werd je het ook.

Er waren drie belangrijke houdingen, maar ook houdingen tussen de drie belangrijkste houdingen. Elk roept een ander soort nederigheid op.

1. buigen
2. knielen
3. ter aarde werpen

Elke beweging kun je meer of minder intens doen. Dus licht buigen of juist heel diep. De houding van handen en armen geven ook betekenis zoals de handen in elkaar gevouwen, dan weer opengesperd of voor de borst geslagen. In sommige delen van het klooster werd een bepaald gedrag geëist. In de refter moesten de broeders licht buigen voor een afbeelding bij de tafel van de abt. Voor panelen of altaren in de kerk ging men licht door de knieën waarbij het bovenlichaam naar voren gebogen werd. De meeste houdingen zijn gedestilleerd uit de liturgie. De eerste acht modo of manieren zijn volstrekt privé en moeten in volledige stilte worden uitgevoerd.

In de cellen worden twee manieren van bidden niet afgebeeld en wel de modo van de nederigheid waarbij je op de aarde lag en die van mededogen met meerdere kniebuigingen. Het eerste zou niet passen binnen de cyclus. In alle cellen van de novicen wordt Dominicus knielend getoond. Een op de aarde liggende Dominicus valt uit de toon.

dominicaan werpt zich ter aarde
modo orandi 2 van de nederigheid
MS Rossianus Biblioteca Apostolica Vatican

Misschien was de schilder Angelico ook niet gecharmeerd van een zodanige opvallende houding in een compositie met een kruisiging. Bovendien past het maar moeizaam in de meer verticale vierhoekige vorm van de fresco’s in de cellen. De vierde manier het maken van meerdere kniebuigingen liet hij waarschijnlijk om praktische redenen weg. Hoe moet je dit immers op een eenvoudige manier vorm geven in een beeld dat voor jonge novicen direct te begrijpen is? Alleen in cel 10, de cel voor de abt, is de modo orandi van het mededogen (5) te zien.

De schildering in cel negentien beeldt uit hoe Dominicus ‘liefelijk met zijn geest werkte’ (manier acht) over een tekst waarbij hij intens moest huilen. Natuurlijk paste in het fresco geen bureau of leestafel. Dit zou immers niet met het vaste schema van de composities in alle andere cellen van de novicen overeenkomen. Angelico heeft hiervoor iets anders bedacht. Het huilen wordt door een handgebaar getoond en het lezen door een boek. Het is het enige boek dat te zien is in de schilderingen van de cellen van de novicen.

Dominicus met kruisiging
modo orandi 8
cel 19

Het lezen was trouwens de manier om tot meditatie te komen en niet het beschouwen van de fresco’s. De schilderingen waren hierbij slechts een extra steuntje. Bij het beschouwende lezen was het niet de bedoeling om de feiten op een rij te krijgen of kennis te verwerven. Het is meer devotie ofwel je toewijden aan een hogere macht. Dit besloeg het grootste deel van de dag.

Dominicus leest en mediteert
modo orandi 8
MS Rossianus Biblioteca Apostolica Vaticana
Dominicus leest en mediteert modo orandi 8 MS Rossianus Biblioteca Apostolica Vaticana
“Bij de geestelijke lezing wordt een tekst waarin je iets voedzaams hoopt aan te treffen heel langzaam gelezen, en wel tot iets je raakt. Dan stop je. Wat je geraakt heeft bekijk je nog eens opnieuw, en rustig associërend overweeg je hoe het kwam dat je geraakt werd, wat dat eigenlijk was, en wat daarop je antwoord zou kunnen zijn.

Het is een soort proevend herkauwen van een tekstfragment, totdat je denkt dat je er de voedende sappen wel zo’n beetje uit hebt gehaald – de oude monniken noemden dit ruminatio, het Latijnse woord voor wat koeien met gras doen.”

Uit: Een levensregel voor beginners, Wil Derkse. Uitgeverij Lannoo, 2000

De gesel werd alleen in de kapittelzaal gebruikt. Novicen mochten niet zelf de gesel gebruiken. Toch is in cel twintig te zien dat Dominicus zich geselt. De tekst van de modo orandi laat wel zien dat Dominicus zichzelf kastijdde, maar in het klooster mocht dit alleen publiekelijk met de andere monniken. Waarom dan deze afbeelding? Wel om de novicen er aan te herinneren dat zij hun lichaam in bedwang moesten houden zoals dit in de derde mode te lezen valt.

Dominicus met kruisiging
modo orandi 3
cel 20

In cel eenentwintig zien we de zesde manier van bidden met uitgestrekte armen. Volgens de tekst deed Dominicus dit als hij goddelijke kracht nodig had om een grootse daad te verrichten. De tekst vermeldt dat dit gebeurde toen onze heilige in Rome bij de San Sisto een jongen uit de dood opwekte.

Dominicus met kruisiging
modo orandi 6
cel 21

In het MS Rossianus is ook de houding van het smeken (modo 6) te zien. Hier is Dominicus te zien met uitgestrekte armen, een gebaar dat verwijst naar de kruisiging van Christus.

smeken
modo orandi 6
MS Rossianus Biblioteca Apostolica Vaticana

De schilderingen zijn een soort geheugensteun voor de juiste wijze van bidden en mediteren. De houdingen, gebaren werden ook in het koor en tijdens de liturgie uitgevoerd. Het buigen, knielen en je ter aarde gooien. Door de fresco’s en het gebed leerde de individuele novice zich aan te passen en werd het collectieve gedrag verinnerlijkt.

Als je intrad, nam je een nieuwe naam aan. Zo noemde Guido di Piero zich bij zijn intreden Fra Giovanni da Fiesole. Later wordt Giovanni Beato Angelico genoemd. Nu kennen wij hem onder de naam Fra Angelico. Je werd als het ware in een gezin opgenomen. Je gedrag mocht niet afwijken, je moest je conformeren aan het collectief, de constitutie en de liturgie. Wel was je vrij in de wijze waarop je bad of mediteerde in je cel. Als de novicen hun opleiding voltooid hadden en monnik werden, was hun kennis van theologie, liturgie, psalmen en de bijbel enorm verdiept. In de cellen aan de oostkant, de cellen van de monniken, was de iconografie van de fresco’s dan ook veel complexer en rijker. Heel anders dan de eenvoud van de muurschilderingen in de cellen van de novicen.

gang met de cellen van de monniken
oostzijde

foto: KQSV

klik hier voor het vervolg van dag 5