Domenico Ghirlandaio en de Sassetti-kapel in de Santa Trinita 1/6

1. Francesco di Tomasso Sassetti, de Santa Maria Novella en de Santa Trinita

De vader van Francesco Sassetti, Tomasso, werkte als geldhandelaar in dienst van de Medici.336 Bartolomeo en zijn jongere broer Francesco werkten ook voor deze machtige bankiersfamilie. De broers hielden toezicht op de betalingen voor de bouw van de San Lorenzo en het Palazzo Medici.337 Francesco vertrok later naar Avignon en Lyon, waar hij bij de Franse tak van de Medicibanken ging werken. Hij werkte ook nog in Genua en Geneve. Het is in de laatste stad waar Francesco zijn vermogen verdiende. In 1466 had hij een kapitaal van 52.000 florijnen, onroerend goed, juwelen en een grote collectie Romeinse munten en klassieke manuscripten.

Francesco Sassetti
detail
geheel
Domenico Ghirlandaio
A. Rosselino
1464
Bargello
mouseover

In 1458 trouwde Francesco met de dochter van de gonfaloniere di giustizia Nera d’Corsi. Francesco was een vroom en genereus man. Hij had ook een bastaardzoon en in zijn testament stond dat de broers hun halfbroer als gelijke moesten behandelen. Francesco en Nera kregen vijf dochters en vijf zoons. In 1479 hield het geluk op. Francesco verloor veel geld door financiële problemen bij de Medicibanken in Brussel en Londen. Vervolgens stierf in hetzelfde jaar zijn oudste zoon: Teodoro op de leeftijd van 19 jaar. In een brief klaagde de compagnon, Giovanni Tornabuoni, over Francesco tegenover Lorenzo de Medici. In 1484 nam Francesco ontslag. Francesco was voor zijn tijd een typische patriciër, die geïnteresseerd was in de klassieke Oudheid. Hij had belangrijke humanistische vrienden zoals Poliziano, Marsilio Ficino en Bartolomeo Fonzio (ook wel Fontius genaamd). Fonzio en Poliziano hebben Francesco raad gegeven voor de decoratie van zijn kapel.338

Francesco Sassetti
 Francesco Sassetti

Eén jaar voor zijn dood in 1489, schrijft Francesco in een brief aan Lorenzo de Medici dat hij niet rijk meer is.339 Francesco Sassetti werd begraven in een donkere toga, een Romeins gebruik dat in zwang was in de kringen van de Florentijnse humanisten.

gevel van de Santa Maria Novella
Alberti
mouseover

foto: idlelight

Sinds de vroege veertiende eeuw bezaten de Sassetti’s de rechten op het hoofdaltaar van de koorkapel (niet de kapel zelf) in de Santa Maria Novella. Daarnaast hadden de Sassetti’s in deze kerk nog een grafkapel waarschijnlijk in een ruimte onder het koor.340 In 1324 had Baro Sassetti, een dominicaner monnik, een altaarstuk van de schilder Ugolino da Siena voor het koor beloofd aan de dominicanen van de Santa Maria Novella. In 1429 werden er 220 florijnen voor het altaarstuk nagelaten. De belofte van Baro Sassetti is echter nooit uitgevoerd. De rechten van de Sassetti’s op hoofdaltaar werden tijdelijk opgeheven.

Santa Maria Novella
Tornabuoni-kapel of Cappella Maggiore
Domenico Ghirlandaio
Santa Maria Novella
mouseover

foto: britannica.com

Santa Trinita
Sassetti kapel

Er moest onderhandeld worden. Francesco kreeg op 22 februari 1469 tot verdriet van de Ricci’s de rechten weer terug en niet alleen op het hoofdaltaar, maar op het hele koor. Als we de kroniek van de familie Sassetti uit 1600 en de kroniek van monnik Modetso Biliotti uit 1586 mogen geloven, weigerden de dominicanen om Francesco nog langer de rechten op de koorkapel te geven. De reden hiervoor zou zijn dat Francesco een frescocyclus van de heilige Franciscus in het koor van de Santa Maria Novella wilde laten schilderen.341 Een cyclus van Franciscus op de belangrijkste plek, het koor, in de hoofdkerk van de dominicanen in Florence was natuurlijk ondenkbaar.342 Wat de werkelijke reden is waarom niet Francesco, maar Giovanni Tornabuoni in oktober 1486 de rechten voor de hoofdkapel in de Santa Maria Novella kreeg, blijft onduidelijk. Mogelijk hadden de dominicanen meer vertrouwen in de kapitaalkrachtiger familie Tornabuoni. Daarbij kwam nog dat de Sassetti’s zich al eerder niet aan de belofte hadden gehouden om een altaarstuk voor het koor te leveren.343

Francesco laat tijdens de moeizaam slepende onderhandelingen met de dominicanen zijn oog vallen op een andere kerk voor zijn grafkapel. De Sassetti’s hadden een huis aan de Via larga de‘legnaiuoli di S. Trinita, genoemd naar de kerk van de vallombrosianen die aan deze straat ligt: de Santa Trinita.344 De Santa Trinita was in die tijd één van de meest gerespecteerde kerken uit Florence. Dit is heden ten dage nog te zien aan de vele kapellen in deze kerk van rijke families waaronder Strozzi, Davanzatie en Spini (klik hier voor een plattegrond van de kapellen in de Santa Trinita en klik hier voor het schema van de gehele frescocyclus).

Santa Trinita


2. De kapel van Sassetti in de Santa Trinita

De kapel bevond zich helaas niet in het koor zoals die in de Santa Maria Novella, maar in het rechtertransept bij de deur naar de sacristie (nummer 10 op de plattegrond). De rechten van deze kapel waren oorspronkelijk in handen van de familie Petriboni. Al in april 1478 wordt er onderhandeld om de kapelrechten over te nemen. In 1480 wordt de aankoop van de kapel in het castasto (kadaster) geregistreerd. Op 20 februari van hetzelfde jaar worden de beenderen van de Petriboni’s uit de kapel verwijderd.

Santa Trinita
Sassetti-kapel
rechts

De kapel is van het begin af aan gewijd aan de heilige Franciscus.345 De patroonheilige naar wie de opdrachtgever van de fresco’s in de kapel vernoemd is. De kapel is daarnaast gewijd aan de geboorte van Christus. Het (beschadigde) opschrift onder het portretten van Nera d’Corsi en haar man, Francesco Sassetti verwijst naar de geboorte van Christus. A(NNO) D(OMINI) M CCCCLXXX (V) (XX) V DECEMBRIS

Zeker is dat Francesco in 1480 de rechten op de kapel verwierf en in december 1485 het werk voltooid werd. Waarschijnlijk werkte het atelier van Ghirlandaio ergens tussen 1480 en 1485 aan de kapel. Er is een ontwerptekening uit 1483 over de bevestiging van de orderegels bewaard gebleven. Domenico Ghirlandaio werkte van 1481 tot mei 1482 in de Sixtijnse kapel in Rome. In september of oktober 1482 in Sala dei Gigli van het Palazzo Vecchio. Op 1 september 1485 tekende Ghirlandaio een contract met Giovanni Tornabuoni voor een frescocyclus in het koor van de Santa Maria Novella. Gilderegels voorkwamen dat er aan een nieuwe opdracht mocht worden begonnen voordat een oude voltooid was. Wel heeft Domenico vóór 1480 al ontwerptekeningen gemaakt voor de kapel. Twee van deze tekeningen zijn bewaard gebleven.

Sassetti-kapel Santa Trinita Ghirlandaio

De verschillende verhalen en onderdelen zoals de graftombes en de geschilderde nissen worden door fictieve architectuur tot een eenheid gesmeed. Geschilderde klassieke vormen zoals pilasters zijn weliswaar in strijd met de gotische kapel, maar dit schept wel een helder kader voor alle onderdelen in de kapel (klik hier voor een plattegrond en een schema  met de fresco’s en de grafnissen van de kapel).

Altaarwand
Ghirlandaio Sassetti-kapel altaarwand

Foto: jean louis mazieres

In twee registers wordt de geschiedenis van Franciscus geschilderd. De cyclus begint boven in de lunet links (zuidwand) met de verwerping van aardse goederen. Het verhaal gaat verder in de wand van het altaar en vervolgt in de lunet rechts. In de band onder de lunetten gaat het verhaal over de heilige Franciscus verder, weer van links naar rechts.

rechterwand
verwerping aardse goederen
Franciscus ontvangt wondtekenen
verwerping aardse goederen Franciscus ontvangt wondtekenen
linkerwand
De sultan en de vuurproef
De begrafenis van Franciscus
 De sultan en de vuurproef De begrafenis van Franciscus

Het onderste deel bestaat uit een altaarstuk dat geflankeerd wordt door geschilderde nissen waarin Francesco Sassetti en zijn vrouw, Nera d’Corsi, zijn afgebeeld. In de rechter– en linkerwand zijn twee muurnissen met sarcofagen. In het altaarstuk is de geboorte van Christus, de aanbidding van de herders en de tocht van de drie koningen te zien. Francesco en Nera knielen in aanbidding voor de pasgeborene. Op de voorzijde van de kapel boven de gotische boog werden in het begin van de 19e eeuw achter de witte kalk nog twee fresco’s van Domenico Ghirlandaio ontdekt: het visioen van Augustus met de sibille Tibur en links daarvan David. Deze twee fresco’s vormen samen met de vier sibillen in het gewelf en het altaarstuk een verticale as, waarop de betekenis van de geboorte van Jezus voor de mensheid uit de doeken wordt gedaan. Heel toepasselijk voor een grafkapel.

2.1. Voorzijde: het visioen van Augustus met de sibille Tibur en David

Aan de buiten– en voorzijde van de kapel is links David staande op een zuil met impostblok afgebeeld en in het midden de sibille Tibur en keizer Augustus. Beide fresco’s zijn zwaar beschadigd. Van de ‘bijzonder bekoorlijke en vrolijke kleuren’ waar Vasari over schrijft, is weinig meer overgebleven.346

Sassetti kapel Santa Trinita Ghirlandaio  visioen van Augustus met de sibille Tibur en David

Het verhaal dat Ghirlandaio schildert over het visioen van Augustus en de sibille Tibur is gebaseerd op de Legenda Aurea. De Romeinse senatoren wilden hun keizer Augustus uitroepen tot God. Precies op de dag dat het Christuskind geboren werd, kwam de raad van de keizer hiervoor bijeen. De sibille Tibur wijst, vlak voor de raadzitting, de keizer op de zon die door een gouden kring omgeven wordt. In het midden van de zon zit een prachtige maagd met op haar schoot een kind. Keizer Augustus zag dit alles verwonderd aan en hoorde een stem die sprak: ‘Dit is het altaar van de hemel.’ Tibur sprak tot de Augustus: ‘Dit kind, keizer, is groter dan u, daarom moet u hem aanbidden.’ Deze legende had voor een kerk in Rome trouwens nog gevolgen, want:

‘De Santa Maria de Capitolo werd in de veertiende eeuw omgedoopt in: Santa Maria in Aracoeli. Dit vanwege de legende dat keizer Augustus op deze plek een Ara Coeli (hemelaltaar) zou hebben laten bouwen, nadat de komst van Christus aan hem voorspeld was. De Ara Coeli is nu te zien onder de achthoekige kapel waar de urn met de as van de moeder van keizer Constantijn bewaard wordt. Keizer Augustus en Maria zijn vanwege de legende op de boog boven het hoge altaar te bewonderen.’

Bron: Wikipedia

Ghirlandaio schilderde geen Maria met kind, maar het monogram van Christus: IHS in een stralende zon. Op de gevel van de Santa Trinita stond tot in de zestiende eeuw een wapen met hetzelfde monogram. Een teken dat Bernardinus van Siena had bedacht.347 De sibille wijst naar de hemel waar een gouden schijf met twaalf vlammende stralen rond het monogram van Christus te zien is. Augustus kijkt in gespannen afwachting op wat er gaat gebeuren met het verschijnsel aan het firmament. Hij houdt zijn hand bij zijn voorhoofd een gebaar dat vaak bij visioenen te zien is: het zogenaamde aposkopein (klik hier voor meer informatie over handgebaren). Tussen en achter de twee groepen is de stad Rome weergegeven. De plek waar volgens de legende het visioen plaatsvond, is de Capitolijn waar ook de hoofdkerk van de franciscanen, de Santa Maria in Aracoeli, staat. Het Pantheon, de zuil van Antonius en het atrium van de oude Sint-Pieter zijn duidelijk herkenbaar.

  visioen van Augustus met de sibille Tibur en David

Links van het visioen is David geschilderd. Door de flinke zuil en het onderaanzicht doet het sterk denken aan een belangrijk gedenkteken of eremonument. Je ziet niet alleen de voorzijde, maar ook de zijkant, waardoor de indruk van een echt monument wordt versterkt. Op het voetstuk van David staat:

SALVTI / PATRIAE / ET / CHRISTIA / NAE GLO / RIAE / E [X] S [ENTENTIA] S [ENATVS] P [OPVLIQVE] vrij vertaald: In opdracht van de senaat en het volk voor de voorspoed van het vaderland en de glorie van het christendom

 

SALVTI / PATRIAE / ET / CHRISTIA / NAE GLO / RIAE / E [X] S [ENTENTIA] S [ENATVS] P [OPVLIQVE] vrij vertaald: In opdracht van de senaat en het volk voor de voorspoed van het vaderland en de glorie van het christendom

Zoals uit het opschrift op te maken is, komt David voor het volk op. In Florence was dit een lange traditie waarbij David als krijger en verdediger voor burgerlijke vrijheden stond.348 Taddeo Gaddi beeldde David al rond 1340 af in de Baroncelli-kapel in de Santa Croce. Ook Andrea del Castagno (1450) en Antonio del Pollaiuolo (1470) schilderden een David. Verder maakten beeldhouwers als Donatello en Verrocchio (1473-1475) beelden van David. Donatello maakte er zelfs twee: één van marmer (1409) en het andere van brons (1430). De beroemdste David werd ongeveer 18 jaar na Ghirlandaio’s werk in de kapel van Sassetti gehakt door Michelangelo Buonarroti. Naast krijger en verdediger was David ook nog een profeet. In de Handelingen hoofdstuk II vers 29-32 is te lezen dat hij de komst van de Messias voorspelde. Met de geboorte van Christus, zoals Ghirlandaio in zijn altaarstuk schilderde, komt de profetie van David ook uit. Francesco Sassetti zal nog met genoegen naar het wapenschild hebben gekeken dat David vasthoudt. In het reliëf met het familiewapen dat onder het visioen van Augustus hangt, zijn kleine stenen en een slinger te zien. De slinger en stenen van David zijn een woordspeling op de Sassetti’s. De woorden sasso, sassetti en sasseto betekenen steen, kleine stenen en het werpen met stenen. De slinger en de stenen van David zijn trouwens ook afgebeeld in medaillons in de stenen lijsten rond de nissen met de tombes van Francesco en zijn vrouw Nera.

In de hymne, Dies irae ofwel Dag des toorn, uit de dertiende eeuw van Thomas von Celano wordt duidelijk dat David niet alleen de komst van Christus voorspelde, maar ook de dag des Oordeels. De duistere en dreigende tekst van deze hymne werd tijdens het leven van Francesco Sassetti elke eerste zondag van de Advent gezongen. Na deze hymne werd Lucas 21 vers 6 voorgedragen. De eerste strofe van de Dag des Toorn luidt als volgt

Dag der toorn, o die dag
zal de wereld in de as vergaan
zoals voorgezegd door David en de Sibille
Welk een angst zal er zijn
wanneer de rechter zal komen
om alles streng te oordelen

De hymne, Dies irea is hier te beluisteren.

klik hier voor het vervolg van dag 6