Sint Pieter (Bernini: Baldacchino, beelden, Cathedra en de koepel)

Video Khan Academy (4.13 minuten)
Baldacchino
Baldacchino Bernini

foto: Reuters

Op 6 augustus 1623 werd Urbanus VIII tot paus gekozen. In de daaropvolgende zomer gaf hij aan de congregatie van de Fabbrica de San Pietro de opdracht om de volgende vraag uit te schrijven:

Die welke architecturale schema’s, ontwerpen of anderszins hadden voor een baldacchino binnen vijftien dagen in te dienen.

De Fabbrica zou dan de beste uitkiezen. Waarschijnlijk was deze vraag slechts een formaliteit, want de paus had Bernini al uitgekozen. Bernini heeft meerdere ontwerpen gemaakt waarvan we er twee m.b.v een A3-’tje zullen bekijken en vergelijken met het uitgevoerde ontwerp. Het ontwerp voor de baldacchino uit 1626 en het uiteindelijke ontwerp (ontwerptekening van de bekroning van het Baldacchino). De bronzen gedraaide zuilen staan op marmeren basementen. Op de voetstukken zijn een paar opmerkelijke pauselijke wapenschilden van marmer te vinden. De marmeren basementen zijn even hoog als de gemiddelde lengte van een mens die voor het altaar staat. Op de zuilen en het basement zijn bijen, een rozenkrans, een portret op een munt en hagedissen waarvan er  een schorpioen verorbert.

Baldacchino bronzen zuil van de Baldacchino
medaillon portret Urbanus VIII
Baldacchino bronzen zuil van de Baldacchino medaille portret Urbanus VIII Bernini

 

Baldacchino en het eerste ontwerp van Bernini
mouseover

Baldacchino Bernini
 

Acht wapenschilden op de voetstukken van het Baldacchino

Baldacchino
confessio
Baldacchino Sint Pieter

Op het eerste oog lijken de acht wapenschilden niet van elkaar te verschillen. De drie bijen op de wapenschilden maken duidelijk dat we hier met de familie Barberini te maken hebben (Urbanus VIII Maffeo Barberini). Oorspronkelijk had het familiewapen drie paardenvliegen. Op aanraden van Bernini heeft de paus de vliegen veranderd in bijen. Het aangepaste wapenschild van de Barberini’s was het eerste te zien in een glas in lood venster in de Santa Maria Aracoeli.

Santa Maria Aracoeli
glas in lood raam

glas in lood venster Bernini wapenschild Barberini Santa Maria Aracoeli

 

 Basement zuilen Baldacchino
wapenschild
Baldacchino pedestal bernini

Verder zijn de sleutels van Petrus en de pauselijke kroon: de tiara te zien. Op de driedubbele kroon is een Cherubijn met daarboven een bij te zien. Onder de twee sleutels is het hoofd van een vrouw weergegeven. Aan de onderzijde van het wapenschild is steeds de kop van een sater weergegeven. Ook de decoratieve koorden keren in alle acht de wapenschilden terug.

Sater
rechtervoorzijde zeven
baldacchino wapenschild Bernini Sint-Pieter

Plattegrond basementen of voetstukken met wapenschilden en de leesvolgorde van de basementen:

zuilen basementen wapenschilden gezichten saters
Linker voorzijde:
Linker achterzijde:
Rechter achterzijde:
Rechter voorzijde:
een en twee
drie en vier
vijf en zes
zeven en acht
een en twee
drie en vier
vijf en zes
zeven en acht
een en twee
drie en vier
vijf en zes
zeven en acht
een en twee
drie en vier
vijf en zes
zeven en acht

Bij nauwkeuriger kijken, zijn er opmerkelijke details die veranderen als je langs de vier basementen met de acht wapenschilden loopt. De wapenschilden zijn niet alleen een verwijzing naar de paus en de Barberini’s, maar er is zowaar ook nog een verhaal weergegeven. Als je langs de acht schilden loopt, te beginnen bij 1 (zie plattegrond ), zie je belangrijke veranderingen met name bij de gezichten van de vrouw en de sater en bij het deel met de buik, waar de drie bijen op zijn afgebeeld. De buik zwelt op en die zwelling is bij de laatste twee schilden weer afgenomen.

Als je de Sint-Pieter binnenkomt, begint het verhaal op de wapenschilden aan de voorzijde links. Witkowski (aangehaald in de Engelse Wikipedia voetnoot 7) schreef in 1908 het volgde:

‘De scène begint met de vrouw  waarbij haar gezicht begint samen te trekken; bij de tweede en volgende sokkel veranderen de gezichtstrekken in een serie van toenemende heftige krampen. Tegelijkertijd wordt het haar steeds wilder; de ogen die eerst een draagbare pijn verraden, krijgen een verwilderde uitdrukking; de mond, eerst bijna gesloten, gaat verder open, en schreeuwt met een doordringend realisme. […] Tenslotte komt de bevalling: de buik neemt af en het hoofd van de moeder verdwijnt, om plaats te maken voor een cherubijn baby met krullend haar, glimlachend onder de onveranderlijke pauselijke insignes.’

Witkowski, G. J. (1908). L’Art profane de I’Eglise, ses licenses symboliques, satiriques et fantaisistes. Paris. pp. 255–256

wapenschild detail weeën wapenschild detail geboorte van de baby

De acht schilden laten de verschillende stadia van de bevalling zien. Dit is af te lezen van de gezichtsuitdrukkingen van de vrouw en het dikker worden van de buik (het midden van het schild) die na de bevalling weer dunner wordt. Er is geen twijfel over dat Bernini hier een bevalling weergeeft die de kijker alleen maar kan zien als hij langs de wapenschilden loopt.

Sergei Eisenstein was als Russische filmer zeer geïnteresseerd in de manier waarop Bernini zo’n bevalling liet zien. Hij vergeleek dit met het monteren van de beelden in een film. Zo zou het filmen van elke schild en dit vervolgens achter elkaar te monteren ook een verhaal opleveren. Eisenstein verzamelde tussen 1937-1940 veel materiaal en bronnen over de wapenschilden die Bernini ontworpen had voor de sokkels van het Baldacchino. In zijn essay getiteld, ‘Montage en Architectuur,’  (hier te lezen) schrijft hij over de schilden van Bernini: ‘een van de meest spectaculaire composities van de grote meester Bernini’ met de wapenschilden als ‘acht opnames, acht montage opeenvolgingen van één heel montage scenario.’ (geciteerd en vertaald uit de Engelse Wikipedia)

Er is geen onenigheid over wat Bernini in de schilden laat zien, maar over de betekenis wordt verschillend gedacht. De Engelse Wikipedia  noemt drie interpretaties. Een symbolische waarbij het werk van de paus en de vroeg christelijk kerk uit de doeken wordt gedaan. Een tweede meer populaire verklaring is dat het nichtje van de paus een gevaarlijk en langdurige bevalling had. De paus beloofde dat als het goed zou aflopen hij een altaar in de Sint-Pieter aan zou wijden. De geboorte liep goed af voor moeder en kind. De laatste interpretatie gaat over de zus van Bernini die net bevallen was. De gelukkige vader,Taddeo Barberini, was een assistent van Bernini en een neef van de Paus. Helaas wilde de Urbanus VII het kind niet wettig erkennen en daarmee was het veroordeeld tot een bastaard. Meer lezen over het Baldacchino: Irving Lavin, Bernini at Saint Peter’s The Pilgrimage, The Pindar Press London 2012.

De zuilen zijn in drie afzonderlijke delen gegoten. De basementen en de kapitelen zijn apart gemaakt. Dit was ook wel nodig, want alleen zo kon je sommige details nog gieten. De verfijnde details zijn pas na het gieten aangebracht. De drie delen zijn door middel van wiggen, verborgen achter een versieringsrand, met elkaar verbonden.

Druivenranken met hunbladeren klimmen langs de zuilen omhoog. Hier en daar steken de bladeren flink uit. Kleine putti jagen achter ‘vlinders’ in dit geval bijen (Barberini’s) of elkaar aan. Bijen die tijdens de eucharistie door de zoetheid van de wijn (bloed van Christus) op het altaar worden aangetrokken. Het gieten is in ovens gedaan, die bij de barakken van de Zwitserse garde ten noorden van het Piazza San Pietro stonden. Bernini gebruikte de verloren wasmethode. Dus een kern en een buitenkant die hard genoeg voor het vuur waren met daartussen een laag was.

bekroning van het baldacchino

foto’s: AmatørFoto en de bekroning van het baldacchino mookiefl

Het verhaal deed de ronde dat Bernini echte bijen en een hagedis gebruikt had. Deze waren met een extra dikke laag was ingesmeerd. Dit werd spottend ‘het verloren hagedisproces’ genoemd. In werkelijkheid verbranden dit soort echte toevoegsels natuurlijk onmiddellijk door het gloeiend hete brons. Kortom, het verhaal is wel leuk, maar klopt niet. De moraal van deze mythe was wel dat de kunst van Bernini overdreven realistisch was.

Een ander kritisch punt van de tijdgenoten die het niet zo ophadden met Gianlorenzo was dat hij zich veel te veel verliet op de bronsgieters. Toch is bekend dat Bernini het gietproces dat in totaal drie jaar duurde zeer nauwgezet volgde: ‘dag en nacht, in de hitte en de regen.’ Bovendien zijn er enkele bijzonderheden die er wel op wijzen dat het gietwerk door Bernini zelf geleid werd, zoals de holle zuilen, die gevuld werden met cement. Hierdoor werden de zuilen niet alleen zwaarder, maar ook veel sterker.

Een paskwil over deze wijze om aan brons te komen luidde: ‘Quod non fecerunt barbari, fecerunt Barberini’ oftewel wat de barbaren nalieten, deden de Barberini’s. Het was de geneesheer van Urbanus VIII, Giulio Mancini, die deze spreuk verzonnen had.

Lange tijd werd gedacht dat Bernini het brons uit de porticus het Pantheon voor het gieten van de vier zuilen van het Baldacchino gebruikt heeft. Uit recent onderzoek blijkt echter dat slechts 1,8 procent van het brons dat voor de gedraaide zuilen bestemd was uit het Pantheon komt. Zelfs deze hoeveelheid brons werd aan de Fabricca di San Pietro (openbare werken Vaticaan) teruggegeven. Het brons uit het Pantheon is gebruikt vooral voor het gieten van kanonnen. Bernini vertrouwde de legering niet. (Franco Mormando, ‘Bernini His Life and his Rome,’ University of Chicago Press, Chicago and London, 2011 blz.85-86; website Mormando).

pijler met nissen
Francesco Duquesnoy Andreas
reliek van het heilige kruis
Sint-Pieter pijler met nissen Andreas en de reliek van het heilige kruis

We zullen de beelden in de nissen van de vier grote vieringpijlers nader bekijken en dan voornamelijk de nis waar Bernini zijn Longinus voor gehakt heeft. Nadat het baldacchino voltooid was, won Bernini ook de competitie voor de nissen in de pijlers.

Zijn voorstel was om beelden in de grote nissen te plaatsen en bij de balkons erboven reliëfs. De balkons waren er al en zouden bij de feestdag van de heilige gebruikt worden om de desbetreffende reliek uit te stallen. Bernini wilde de nissen en beelden afstemmen op het baldacchino.

Het beeld van de H. Andreas voor de nis van de pijler werd als eerste uitgevoerd. De beeldhouwer Francesco Duquesnoy kreeg de opdracht, maar werkte wel onder het wakend oog van de Bernini. Opvallend is hoeveel het beeld van de H. Andreas lijkt op het gelijknamige beeld van Gianlorenzo in de kerk op de Quirinaal.

H. Andreas
Francesco Duquesnoy
H. Andreas Francesco Duquesnoy

In 1629 had Urbanus VIII net een stuk van het Kruis aan de basilica gegeven. Een beeld van de heilige Helena (zij had het kruis ontdekt) kon dus mooi in de nis onder deze reliek. Andrea Bolgi kreeg de opdracht voor een beeld van deze heilige vrouw. De rivaal van Gianlorenzo Francesco Mochi hakte de heilige Veronica. Het laatste beeld, de heilige Longinus, hakte Bernini zelf.

Longinus
nis boven Longinus met relieks

Bernini Longinus detail
Bernini Longinus en een detail
nis met de reliek van het kruis
voorstudie Fogg Museum of Arte
mouseover
Longinus Bernini

foto’s: karneyli en tuscanystudy

Als je de vier beelden met elkaar vergelijkt dan valt direct het beeld van Bernini op. Over smaak kun je twisten, maar niet over het feit dat Longinus in de nis op een grote afstand nog zeer duidelijk is te zien, terwijl de andere drie beelden bij wijze van spreken wegvallen. Als je direct voor en onder de nis staat, kun je zien hoe Bernini dit effect bereikt heeft.

Volgens de legende was Longinus de Romeinse krijgsheer, die Christus met zijn lans stak. Hij was blind, maar toen hij met zijn hand, bevochtigd door het bloed van Christus, zijn ogen aanraakte, keerde het licht in zijn ogen terug. Longinus bekeerde zich natuurlijk tot de enige echte en ware godsdienst: het christendom.

De bovenste nissen waar de relieken opgeborgen waren, hebben zuilen die uit de oude Sint Pieter komen. En wel de gedraaide zuilen van de tempel van Salomon. Deze zuilen werden zelf al als relieken beschouwd daar zij uit die beroemde tempel kwamen. De putti boven het segmentvormige en gebroken fronton keert terug in de Cornaro-kapel. Tenslotte bekijken we nog even een werk van Bernini voor paus Alexander VII

graftombe van Alexander VII
Bernini
mouseover
graftombe Alexander VII Bernini

Net als Urbanus VIII gaf ook Alexander VII Bernini de opdracht om voor hem een graftombe te maken. Alexander heeft het begin van de bouw van de tombe nimmer gezien. Pas in 1672 onder paus Clemens X is aan de tombe begonnen en in 1678 onder Innocentius XI werd het graf ingewijd. Het zijn voornamelijk de assistenten van Bernini geweest die het werk gemaakt hebben. Wel naar een ontwerp van Gianlorenzo en natuurlijk hield hij zoals gewoonlijk toezicht op de uitvoering.

De tombe van Alexander VII is in de zuidwesthoek van de basiliek te vinden boven de Porta Santa Marta, waarachter vroeger de sacristie was. Boven de deur is een kleed van gekleurd marmer gebeeldhouwd. Alexander VII is knielend afgebeeld in een pluval en naast hem ligt vrij onopvallend de tiara. Onder het voetstuk zijn vier levensgrote figuren van marmer te zien. Aan de voorzijde: Liefde (met kind)en rechts de Waarheid met haar voet op de aarde (de waarheid regeert over de gehele aarde) en de zonnestralen in haar hand. Achter deze figuren zijn nog twee personificaties te vinden: de Gerechtigheid en Voorzichtigheid.

Liefde en Waarheid
mouseover

graftombe Alexander VII liefde waarheid Bernini

foto’s: Carlo Raso

Eerst wilde de paus de Bescheidenheid en de Waarheid elkaar laten ontmoeten en moesten de Rechtvaardigheid en Vrede elkaar omarmen. Hiervan is toch maar afgezien; vrede en bescheidenheid waren immers niet de twee eigenschappen waar deze paus gezien zijn buitenlandse beleid nou bepaald in had uitgeblonken. Dus werden de personificaties van Bescheidenheid en Vrede vervangen door die van Voorzichtigheid en Liefde. Direct boven de deuren deels verborgen achter de draperieën is Magere Hein te vinden. Het bronzen skelet met vleugels is verguld en de beenderen van zijn hand houden een zandloper omhoog.

De combinatie van de Dood met zijn zandloper precies boven het midden van de deuren verwijst naar een oude en lange traditie waarin deze afbeeldingen symbool staan voor de deur die je uiteindelijk naar binnengaat en definitief achter je dichtslaat. Zo is in de Chigi-kapel de kreet ‘Mors ad Caelos’ oftewel de Dood opent de weg naar de hemel te lezen. De deuren onder de nis suggereren dat deze naar zijn graf leiden.

‘Mors ad Caelos’
mouseover
Bernini Alexander VII ‘Mors ad Caelos’

Te midden van de vier deugden bidt Alexander VII dat zijn ziel over de dood mag zegevieren. Paus Alexander VII was geobsedeerd door de dood. Bekend is dat Alexander VII drie dagen nadat hij als paus gekozen was Bernini opdracht gaf om een lijkkist te maken. De paus plaatste deze doodskist als een memento mori in zijn slaapkamer. Daarnaast maakte Gianlorenzo nog een doodskop voor de paus. Ook at Alexander altijd van borden waarop schedels waren afgebeeld.

In 1656 sprak Alexander met Gianlorenzo over het ontwerp voor zijn tombe en werd het marmer al besteld. Kardinaal Flavio Chigi heeft na de dood van Alexander erop toegezien dat de tombe volgens de gemaakte afspraken werd voltooid. In 1672 kreeg Bernini het uiteindelijke bedrag voor de tombe uitbetaald: duizend scudi en in 1678 was de tombe voltooid. De cathedra of zetel blijkt na archeologisch onderzoek trouwens uit latere tijden te stammen.

Baldacchino en de Cathedra Petri

foto: Steven Zucker

Cathedra Petri venster
Video Khan Academy (3.29 minuten)
mouseover
St. Peter's dome

Foto’s: Arun Vijay en (mouseover)  Susan Lee

We dalen nabij één van de vieringpijlers af naar de ruimtes onder de kerk. Hier lopen we nog langs de reliekschrijn waar de overblijfselen van Petrus in liggen. We zullen langs menige graftombe waar pausen in liggen, komen. Tenslotte verlaten we de kerk en komen bij een loket waar we kaartjes kopen om het dak van de kerk op te gaan. 

buiten- en binnenkant van het model van de koepel
mouseover

model dome St. Peter's Michelangelo

We beklimmen ook de koepel, maar dan wel tussen de dubbele schalen. De koepel is een ontwerp van Michelangelo. Hij heeft zijn koepel gebaseerd op de beroemde koepel van de kathedraal in Florence die ontworpen is door Brunelleschi.

dome Duomo Brunelleschi

Het houten model van de koepel van de Sint Pieter krijgen jullie te zien op de dag dat jullie het museum van het Vaticaan bezoeken.

binnen- en buitenkant van de koepel
mouseover
St. Peter's dome

De volgende dag