Bernini’s olifant en de Santa Maria sopra Minerva

We lopen de hoek om bij het Pantheon en komen dan op het Piazza della Minerva. Het eerste wat opvalt voor de Santa Maria sopra Minerva is een kleine obelisk die door een olifant wordt gedragen.

obelisk met olifant en de tekening
 ontwerpen voor de obelisk
mouseover
Bernini obelisk met olifant en de tekening

De kleine obelisk was tijdens opgravingen bij een tuinmuur achter de dominicaner kerk van de Santa Maria sopra Minerva ontdekt. Na deze sensationele ontdekking ging de egyptoloog van Alexander, Kircher, aan het werk (Hier een link naar Kircher). Hij schreef een boek over de gevonden obelisk die volgens hem uit een tempel gewijd aan Isis kwam. De oude tempel Isaeum van Minerva lag onder de kerk van Minerva. Isis, Minerva en Maria werden met elkaar in verband gebracht door dezelfde deugd namelijk Goddelijke wijsheid. De obelisk was het zinnebeeld van de goddelijke wijsheid. Bernini ging aan het werk om de gevonden obelisk een mooie plek te geven. Gianlorenzo heeft zoveel ontwerpen gemaakt dat heel Rome makkelijk met obelisken bevolkt zou kunnen worden. Bij één van deze ontwerpen zit een hondje aan de voet van de obelisk. Dit is natuurlijk een toespeling op de Dominicanen.

Het is een bekende woordspeling die luidde: domini canes oftewel de wachthonden van God. In één van de schetsen is de obelisk gedrapeerd met eikenbladeren en twee vrouwenfiguren die de obelisk omhooghouden. In nog een ontwerp wordt de obelisk door slaven vastgehouden of door vadertje Tijd. Bij weer een andere tekening is Hercules te zien die de obelisk draagt. Hercules was een universeel symbool voor elke heerser. In dit geval natuurlijk Alexander VII ( Chigi) zelf. Natuurlijk is het wapenschild van de Chigi op de sokkel aangebracht. Toch is de uiteindelijke keus als drager voor de obelisk verrassend namelijk een olifant.

de  olifant 
ontwerptekening
mouseover
Michelangelo Laatste oordeel vóór de restauratie Sixtijnse kapel

De inscriptie op de sokkel aan de kant van het plein verwijst naar Isis en is opgedragen aan Maria. Aan de kant van de kerk wordt de lezer uitgedaagd om er aan te denken dat een robuuste geest als die van een olifant nodig is om betrouwbare wijsheid te kunnen dragen.

plaquette plaquette
VETEREM OBELISCUM
PALLADIS AEGYPTIAE MONUMENTUM
E TELLURE ERUTUM
ET IN MINERVAE OLIM
NUNC DEIPARAE GENITRICIS
FORO ERECTUM
DIVINAE SAPIENTIAE
ALEXANDER VII DEDICAVIT
ANNO SAL MDCLXVII
 (Deze) oude obelisk,
gedenkteken van Egyptische wijsheid,
is uit de grond gehaald.
Hij stond vroeger op het
Minerva-plein en nu op dat van de
Godvoortbrengende Moeder.
Aan de goddelijke wijsheid heeft
Alexander VII hem gewijd
in het jaar van de Redding 1667.
plaquette plaquette
SAPIENTIS AEGYPTI
INSCULPTAS OBELISCO FIGURAS
AB ELEPHANTO
BELLUARUM FORTISSIMA
GESTARI QUISQUIS HIC VIDES
DOCUMENTUM INTELLIGE
ROBUSTAE MENTIS ESSE
SOLIDAM SAPIENTIAM SUSTINERE
De in de obelisk gebeitelde tekens
van Egyptische wijsheid
worden door de olifant,
de allersterkste van de wilde beesten,
gedragen. Dat zie je, wie je ook bent, hier.
Interpreteer dit bewijs (als volgt:)
(alleen) een krachtig verstand
schraagt stevige slimheid.

Vertaling van Leo Nellissen

Het woord krachtig verwijst naar de eik in het familiewapen della Rovere en de paus Alexander VII Chigi. Julius II della Rovere had zijn bankier Agostino Chigi toegestaan om de eik van de della Rovere te gebruiken in zijn wapenschild.

Sinds eeuwen is er een populaire anekdote over de olifant van Bernini in omloop. Om erachter te komen waarom de olifant glimlacht, moet je naar zijn achterste kijken.  Zijn staart is naar links verschoven en zijn spieren zijn gespannen alsof hij aan het poepen is. De derrière van het dier is gericht op één van de hoofdkwartieren van de Dominicaanse Orde. Hier was het kantoor van de inquisiteurs waar pater Giuseppe Paglia, een Dominicaanse monnik, werkte. Hij was de belangrijkste tegenstander van Bernini. Deze monnik had ervoor gezorgd dat het ontwerp van Bernini aangepast werd. In het oorspronkelijke ontwerp, waar nog een bozzetto en een tekening van is overgebleven, werd het gewicht van de obelisk alleen door de vier poten van de olifant gedragen.

Bernini
bozzetto terracotta 99.5 x 54.5 x 27 cm
Corsini collection Florence
Bernini Olifant obelisk bozzetto terracotta 99.5 x 54.5 x 27 cm Corsini collection Florence

Paglia had twee ontwerpen voor de obelisk gemaakt. Een ontwerp met zes heuveltjes dat naar het  wapenschild van de paus verwijst. In het andere ontwerp droegen vier honden, domini canus de honden van de Heer, de obelisk. Alexander VII keurde deze voorstellen af. Paglia haalde de paus over om Bernini’s idee aan te passen. Vier poten waren niet sterk genoeg. Er moest een stevig blok onder het lijf komen en de poten moesten worden ingekort. Een leerling van Bernini, Ercole Ferrata, heeft deze lelijke verandering voor het oog zo goed als mogelijk proberen te verbergen met een wat groot uitgevallen zadeldek.  Met zijn glimlachende en poepende olifant nam Bernini wraak. Er zijn meerdere versies met of zonder glimlach van dit nog steeds populaire verhaal in omloop (zie ciaotutti of Italië uitgelicht). Deze vertelling komt al uit het einde van de 17e eeuw. De satiricus en kardinaal Lodovico Sergardi bracht een epigram van twee regels in omloop, waarin de olifant de Dominicanen vertelt dat de positie van zijn achterkant bedoeld is om “respect te betuigen.”
Dit verhaal klopt niet, net als het verhaal over de Vierstromenfontein van Bernini, waar de Ria della Plata zijn hand omhoog houdt om zijn ogen te bedekken vanwege de weerzinwekkende gevel van Borromini (zie Wikipedia voetnoot 64 of Alberti’s Window An Art History Blog). Toch zal menige gids in Rome deze verhalen met enthousiasme vertellen alsof het echt gebeurd is.

Enkele weken voor de inwijding van de obelisk stierf paus Alexander VII.

We gaan de enige gotische kerk in die Rome rijk is: de Santa Maria sopra Minerva.

Gotiek in Italië, maar zeker in Rome, is iets heel anders dan ten noorden van de Alpen, maar dat zul je wel zien. De gevel is trouwens in de stijl van de Renaissance.

Santa Maria sopra Minerva
plattegrond van de kerk
Santa Maria sopra Minerva façade

foto: Herculeus

interieur
Santa Maria sopra Minerva interieur schip Rome

foto: Aniek Messier

hoofdaltaar
Catharina van Siena
Santa Maria sopra Minerva main altar Catherine of Siena

foto: Lawrence OP

Het woord sopra betekent boven. In werkelijkheid is deze kerk uit 1280 gebouwd in de resten van een klassieke tempel die gewijd was aan Minerva. De kerk heeft een aantal belangrijke kunstwerken. Eerst gaan we echter een beroemde dame bekijken en wel Catharina van Siena. Deze vrouw heeft een grote rol gespeeld in de terugkeer van de pausen uit Avignon naar Rome. De kamer waarin zij stierf, is zijn geheel overgebracht naar de sacristie van deze kerk. Haar lichaam zonder hoofd, ligt in het hoofdaltaar. Wil je haar schedel of haar vinger bekijken dan zul je naar Siena moeten (voor haar voet Venetië Santi Giovanni e Paolo).

interieur schip en zijbeuk
mouseover
Santa Maria sopra Minerva interieur

Rechts van het altaar in het dwarsschip is de Cappella Carafa. Deze kapel is in opdracht van kardinaal Olivieri Carafa in 1489 door Filippino Lippi van fresco’s voorzien. Bij Web Gallery of Art zijn deze fresco’s te zien.

 Filippino Lippi
Cappella Carafa
Santa Maria sopra Minerva
 Filippino Lippi Cappella Carafa Santa Maria sopra Minerva

Op het altaarstuk is een annunciatie te zien. Hier stelt de heilige Thomas de opdrachtgever, Carafa, aan Maria voor. Op de rechterwand brengt Thomas de ketters in verwarring. Het aardige is dat je in deze kapel nog kunt zien waar het ruiterstandbeeld van Marcus Aurelius stond voordat het naar het Campidoglio vervoerd werd. Ter plekke zullen we bekijken waarom zulke fresco’s kenmerkend zijn voor de vroege Renaissance.

Het belangrijkste kunstwerk in deze kerk staat links vóór het hoofdaltaar tegen een pilaar en is ‘de Verrezen Christus’ van Michelangelo.

Michelangelo
Verrezen Christus
eerste versie
Christ Michelangelo Santa Maria sopra Minerva

foto: jvdeijnden

Michelangelo
studie verrezen Christus recto
Rood en zwart krijt, pen bruine inkt, 238 x 209 mm
verso
privécollectie

Michelangelo Buonarroti heeft in 1514 opdracht gekregen om een beeld voor de Maria sopra Minerva te maken. In 1516 heeft Michelangelo zijn ‘Verrezen Christus’ al voor een groot deel af, maar helaas al hakkend stuitte hij op een flinke zwarte ader in het witte marmer.

 Michelangelo
gezicht van verrezen Christus eerste versie ca. 1618
San Vincenzo Bassano Romano
 Michelangelo Verrezen Christus eerste versie San Vincenzo Bassano Romano ca. 1618 zwarte ader

(Klik hier bij France Mormando voor meer informatie; scroll naar nummer 13). Al het werk voor niets gedaan. Buonarroti laat het beeld achter in zijn huis in Rome en vertrekt naar Florence voor andere opdrachten.

 Michelangelo
Verrezen Christus eerste versie  ca. 1618
bewerkt door Bernini (?)
San Vincenzo Bassano Romano
detail  groot formaat

Maar Michelangelo wordt door zijn Romeinse opdrachtgevers achtervolgd. Metello Vari dreigde met ingrijpen van hogerhand als Buonarroti niet aan de afspraken in zijn contract voldeed. In een brief schrijft Michelangelo over de vervelende situatie waarin hij zich in 1518 bevindt als volgt:

Ik sterf van kwelling doordat ik niets kan doen, weer door pech […] een geladen boot [met marmerblokken] is niet aangekomen, want het regende niet en de Arno is volledig drooggevallen. De andere vier bestelde boten die vanuit Pisa varen zullen alleen met water geladen terugkomen. Op dit moment voel ik mij de meest ontstemde man op aarde. Messer Metello Vari oefent nog druk op mij uit over zijn beeld [Teg: Verrezen Christus], dat [Teg: marmerblok] ook in Pisa is en in een van de eerste volgende boten … Ik sterf van gekweldheid en lijk een bedrieger tegen mijn wil, te worden. Ik heb hier een uitstekend atelier in voorbereiding, waar ik twintig figuren moet gaan houwen. Ik kan er geen dak op maken, want er is geen hout in Florence, en met de regen zal dat wel een tijd zo blijven.

Buonarroti maakt onder indruk van de bedreigingen van de heren opdrachtgevers in Florence een kopie van het beeld. Als hij het beeld gehakt heeft, stuurt hij één van zijn assistenten, Pietro Urbano, met het beeld naar Rome. De arme jongen krijgt al direct problemen bij de stadspoort. Hij moet invoerrechten betalen voor het beeld. Na veel gedoe en ingrijpen van de opdrachtgevers mag Urbano toch zonder te betalen naar de Santa Maria sopra Minerva. Velen zien dit beeld als een van de mindere werken van Michelangelo. Waarschijnlijk heeft dit te maken met het feit dat Buonarroti er een hekel aan had om oude paden te betreden. Zo maakte hij vaak zijn beelden niet af omdat hij al weer een nieuw en beter idee had. Dit beeld in deze gotische kerk heeft Pietro Urbano ter plekke voltooid. Hij moest het nodige schraap -en schuurwerk verrichten om de sporen van de beitel uit te wissen. Pietro ging hier veel verder in dan Michelangelo dat in deze fase van zijn leven deed. Sebastiaan del Piombo schreef in een brief aan Michelangelo over de ingreep van Urbano het volgende:

‘Maar ik wil u melden dat hij alles waaraan hij heeft gewerkt heeft verpest, vooral de rechtervoet heeft hij ingekort wat je duidelijk ziet bij de tenen; ook heeft hij de vingers ingekort, vooral aan de rechterhand die het kruis vasthoudt. Frizzi zegt dat ze eruitzien als krakelingen: ze lijken niet van marmer gemaakt, maar van deeg gekneed, zo verschrikkelijk zien ze eruit […] en ik geloof beslist dat het slecht met hem afloopt, want ik heb gehoord dat hij gokt en graag bij de hoeren is en dat hij als nimf op fluwelen schoenen door Rome loopt en zo veel geld verdient.’ De beeldhouwer Federico Frizzi heeft het beeld nog ‘gerepareerd’.

Geciteerd uit: Antonio Forcellino, ‘Michelangelo Een rusteloos leven’, Nieuw Amsterdam/Manteau 2005 blz. 156)

Als we voor het beeld staan zal ik nog een A3-’tje van een voorstudie van Michelangelo laten zien. In deze tekening (geheel) kun je prachtig zien dat hij voornamelijk de spieren van de torso heeft bestudeerd. Terwijl de rest van de studie in grove lijnen is opgezet, is de tors verfijnd en gedetailleerd uitgewerkt. Voor een beeldhouwer is een mannenlichaam veel moeilijker dan een vrouwenlichaam. Je moet heel goed op de hoogte zijn van de anatomie om de onderliggende spierbundels, aderen en botten goed te kunnen hakken. Bij vrouwen is dit veel makkelijker daar zij vaak niet zulke uitgesproken spieren hebben. Het is niet voor niets geweest dat Michelangelo toen hij zeventien jaar was in het geniep in het klooster van de Santo Spirito in Florence in het lijkenhuis menig lijk ontleed heeft. Het voornaamste bezwaar tegen dit beeld is dat het gezicht weinig expressie heeft of zoals sommige kritische tijdgenoten schreven: ‘leeg is’.

Bovendien zijn sommige attributen en het beeld zelf wel erg gladjes uitgewerkt. Pietro heeft zich te braaf aan het motto van Vasari gehouden die schrijft: ‘na de beitel, rasp en puimsteen, de Tripoli aarde, en tenslotte stro zodat het voltooide en glimmende [Teg: beeld] voor ons verschijnt.’ Je moet maar kijken of je het met deze kritiek eens bent of niet. Eén ding is wel zeker namelijk dat Buonarroti zelf zijn beeld niet zo afgewerkt zou hebben. Bij zijn Pietà in de Sint Pieter heeft de jonge Michelangelo dit wel gedaan zoals jullie in programma twee nog te zien krijgen.

De lendendoek die nu te zien is, was er eerst niet. Christus werd weergegeven als een heidens figuur. Hierdoor ontstaat er een conflict tussen de gebruikelijke christelijke wijze van afbeelden en de manier waarop Michelangelo Christus heeft gebeeldhouwd. Dit verklaart waarschijnlijk ook waarom later een lendendoek is aangebracht. Iets wat bij de fresco’s van Michelangelo in de Sixtijnse kapel, die we in de namiddag zullen bekijken ook al gebeurd is. Het motief dat Michelangelo bij dit beeld gebruikt, is klassiek. De arm kruist het lichaam terwijl het hoofd naar de andere kant kijkt. Het lichaam van Christus is kenmerkend voor de periode van Buonarroti na 1520. In zijn verdere ontwikkeling legt Michelangelo de basis voor een nieuwe periode in de kunst: het maniërisme (Wikipedia). Hierbij zijn figuren vaak met een spiraalachtige draaiing (een soort kurkentrekker of zoals dat in de kunst genoemd wordt: een figura serpentinata) weergeven. In de tijd dat Michelangelo dit beeld gehakt heeft, was hij zo beroemd dat hij zijn opdrachten kon uitkiezen. Heel bijzonder was bovendien dat hij zich weinig meer liet voorschrijven. Hoewel, maar dat zullen we nog wel zien, dit niet voor de opdrachten van de paus gold.

Wij bekijken het graf van een beroemde schilder: Fra Angelico. Vasari verhaalde ook over de nederigheid van deze schilder als volgt

“Kortom, deze nimmer volprezen pater was in al zijn woorden en daden bescheiden en bijzonder nederig, en in zijn werken zachtaardig en vroom; en de door hem geschilderde heiligen zijn in houding of uiterlijk heiliger dan wie dan ook. Nooit retoucheerde of verbeterde hij een van zijn schilderingen, maar hij liet ze altijd precies zoals ze waren uitgevallen, want dat -zo zei hij- was de wil van God. Sommigen zeggen dat Fra Giovanni nooit zijn penselen ter hand nam dan na een gebed te hebben uitgesproken. Nooit maakte hij een Kruisiging zonder dat de tranen hem over de wangen vloeiden: vandaar dat men in de gelaatsuitdrukkingen en houdingen van zijn figuren de goedheid van zijn ziel gewaarwordt, groot en oprecht in de christelijke godsdienst.”

Giorgio Vasari, ‘De Levens van de grootste schilders, beeldhouwers en architecten Van Cimabue tot Giorgione’, Contact, Amsterdam, 1990 deel I blz. 220 (oorspronkelijke uitgave 1568)

In 1455 werd Fra Angelico op zestig jarige leeftijd begraven in de Santa Maria sopra Minerva de hoofdkerk van de dominicanen in Rome. Meer over deze schilder? klik dan hier.

graf van Fra Angelico
Santa Maria sopra Minerva Rome
mouseover

tomb Fra Angelico Santa Maria sopra Minerva

Tenslotte nemen we nog even een kijkje bij een werk van Bernini dat ook in deze kerk te zien is en wel een gedenkteken gewijd aan Maria Raggi.

Bernini
Maria Raggi

foto: Wedgeit

De volgende bladzijde